“Mijn grootvader heeft zijn job voor mij opgegeven.”

Olivier Deschacht (16/02/1981), de 25-jarige linksachter van RSC Anderlecht, praat ronduit over zijn carričre. Niet alleen onderwerpen als Anderlecht en de Rode Duivels passeren de revue, maar ook zijn fans, familie en de pers laat hij niet onopgemerkt voorbijgaan:

 De training is net afgelopen. Wat heb je allemaal moeten doen?

Vandaag was het vooral een tactische training. Dat doen we meestal 2 dagen voor een wedstrijd. Dat houdt in dat we veel moeten lopen. Maar we bespreken ook de tactiek van de ploeg. Dat wil zeggen dat we aandacht besteden aan hoe ze spelen en hoe ze op bepaalde situaties reageren. We bekijken dan hoe ze waarschijnlijk te werk zullen gaan en hoe wij daar op gepaste wijze op kunnen reageren. Tactische trainingen zijn vooral vermoeiend omdat er veel gelopen moet worden.

Ben je dan blij als zo’n training erop zit?
Goh, soms wel en soms niet. Dat hangt ervan af wat Franky Vercauteren ons oplegt. Het loopgedeelte is wel vermoeiend. Maar wanneer we kleine matchkes moeten spelen, zo vijf tegen vijf, dan maken we plezier en vergeten we bijna dat we aan het trainen zijn. Dan is echt plezant, zowel letterlijk al figuurlijk.

Dus in het algemeen apprecieer je wel de keuze van de trainer als het op trainen aankomt? Tuurlijk. Vercauteren weet wat hij doet en de spelers apprecieren dat. Respect is ook heel belangrijk. Maar op de training komt zowel appreciatie als respect tot zijn recht. Of het nu de relatie speler-trainer is, of trainer-speler, dat maakt niet uit.